Het woord gemmo is afgeleid van gemma het latijnse woord voor knop. Gemmotheapie is een vorm van fytotherapie, gebaseerd op bereidingen van embryonale plantenweefsels, die zich in een stadium van snelle celdeling of groei bevinden. Men noemt deze therapievorm daarom ook wel fyto-embryotherapie.
De gemmotherapie is ca. 75 jaar oud. De grondlegger van deze therapievorm is Paul Henry (1918-1988). Een andere bekende naam binnen de gemmotherapie is Max Tétau, een zeer bekend homeopaat. Samen met dr. C. Bergeret is hij vooral verantwoordelijk voor al het onderzoek dat is uitgevoerd naar o.a. de toepasbaarheid van de gemmotherapie. Het initia-tief tot het uitvoeren van deze onderzoeken lag bij Tétau. Als apotheker was hij zich heel goed bewust van het feit dat ook ongewenste reacties mogelijk zouden kunnen zijn. Veel van de door hem gebruikte bomen en heesters uit parken en plantsoenen (o.a. liguster, Ameri-kaanse reuzenboom, haagbeuk, esdoorn, wollige sneeuwbal en olm) werden immers nooit eerder als kruid toegepast. De specifieke eigenschappen en toepassingsmogelijkheden van de verschillende preparaten, die afwijkt van die van kruiden en/of homeopathische genees-middelen, maken de gemmotherapie een verrijking is binnen het complementaire arsenaal.